Een voorstel luidt dat men in Nederland een christelijke feestdag moet gaan inleveren voor een nationale feestdag ter ere van het Suikerfeest. Zo komen er geen extra vrije dagen bij voor bedrijven. Economisch een slimme oplossing, ethisch een belachelijke. Het idee van verscheidenheid wordt hierdoor alleen maar ondersteund, omdat het immers óf de ene óf de ander religie moet zijn.
In Ethiopië waren alle christelijke en islamitische feestdagen geëerd: Kerst, Hemelvaart, Pasen én Suikerfeest. De reacties daarop zijn positief. "Godzijdank dat die moslims zich voor een maand laten verhongeren!" of "God zegen die christenen en hun chocolade- eieren!". Op mijn werk zei ik vroeger dat ik moslim, christen en joods was zodat ik vrijdag, zaterdag en zondag vrij kreeg. Alleen atheïsten moeten in Ethiopië het hele jaar werken.
Hier gaan spiritualiteit en business niet samen. Eerst waren vrouwen met hoofddoeken het doelwit, en nu heeft British Airways het helemaal omgedraaid. Een medewerkster is voor twee weken geschorst omdat ze zichtbaar een kruis aan haar ketting droeg, terwijl haar islamitische collega's gewoon door konden werken met hun hoofddoeken op. De reden? Hoofddoeken zijn moeilijker te verbergen.
Waarom zou je je spiritualiteit verbergen? Wat maakt het uit als je serveerster een burqa draagt? Als de conducteur in een monniksoutfit je kaartje knipt? De lezer van het journaal een linnenluier draagt? Als spiritualiteit getoond en vereerd kan worden, dan voelen alle kanten zich gewaardeerd.
Bovendien wordt de kans dat godsdiensten en de bijbehorende gewoontes en gebruiken beter worden begrepen ook alleen maar groter. Men ziet dan sneller de overeenkomsten en verschillen en zal uiteindelijk merken dat het niet uitmaakt of iemand nou een kruisteken doet, of naar het oosten buigt, of een muur zoent, of een mantra zingt, of een koe aanbidt- omdat het toch allemaal om precies dezelfde reden gebeurt: zodat we allemaal nog meer vrije dagen kunnen krijgen.